Henk Geertsema (Noorderweg 31) heeft enige herinneringen aan de oorlogsjaren ’40-’45 op papier gezet en heeft dat ook gedaan met het verhaal dat hij te horen kreeg van oud-Noordhorner Gaaike Schuiringa. Een goed moment om deze herinneringen te publiceren nu we in de herdenkingsweken van 65-jaar-bevrijding zijn beland, aan de vooravond van de presentatie van het boek “Van bezetting tot bevrijding: Zuidhorn 1940-1945” (Uitgave van Profiel – Bedum).
Herinneringen van 2 Noordhorners van bijna 65 jaar geleden
OORLOGSTIJD IN NOORDHORN
“Over de oorlogstijd in Noordhorn is nooit veel geschreven of verteld. Bombardementen in Noordhorn waren er niet, alleen Duitse soldaten die in Noordhorn ingekwartierd waren, auto’s in grote particuliere garages, geschut dat goed gecamoufleerd was… Meestal waren de Duitsers al na een paar dagen weer verder getrokken. De eerste maanden van de oorlog richting Friesland, het laatste jaar in omgekeerde richting naar Groningen. Over het laatste jaar gaat mijn verhaal. De colonnes auto’s met soldaten en motoren gingen richting Groningen, alles moest door het kleine dorp Noordhorn heen, want de omleidingsweg was er nog niet. Op een zekere morgen was er vreselijk veel lawaai van vliegtuigen, je hoorde schieten buiten het dorp. Vliegtuigen (Spitfires) vlogen laag over het dorp om een nieuwe aanval voor te bereiden op een colonne op de Friese Straatweg. Veel auto’s waren al in het dorp of in schuren van boerderijen. Toen het schieten voorbij was en de meeste vliegtuigen verdwenen, op één na, zijn we gaan kijken. We gingen buiten het dorp en daar zagen we tussen de ree van de boerderij waar nu Nico Vermuë woont en het huis van Abbring (nu Rodenboog) een auto in de brand staan, kapot geschoten. Verder dan het huis van Abbring zijn we niet gekomen, want het overgebleven vliegtuig kwam regelmatig laag overvliegen. Net of de piloot wilde zeggen: “Blijf daar weg!” Als het weer dichterbij kwam, gingen we bij het huis van Abbring onder een overhangende goot staan. Ik was daar met oudere mensen, ook mijn oudere broers. Alleen mocht ik er niet heen, het was april 1945 en ik was bijna 8 jaar oud. Ik was in elk geval wel bang. Wat ik na al die jaren niet wist, is dat er nog iemand was die alles gezien had vanuit een droge sloot op plm. 300 meter afstand. Die iemand, oud-agrariër Gaaike Schuiringa, nu wonend in Zuidhorn, was de vorige zomer een avond bij ons om iets te vertellen over het boerderijenboek. Ik heb Schuiringa’s verhaal aangehoord en opgeschreven:
‘Gooike’ Schuiringa is een boeiend verteller die veel over Noordhorn en de omgeving weet. Het was al laat geworden en Schuiringa moest naar huis in Zuidhorn, maar hij zei: “Ik wil nog één ding vertellen”. Gooike is een boerenzoon, zijn familie woonde en woont (Gooikes zoon Jacob met zijn gezin) aan de Noorderweg in een grote boerderij. Het was voorjaar 1945 en ze moesten bonen poten of zaaien en ze hadden daarvoor de machine van boer Willemse (nu Nico Vermuë) geleend. Er zat echter voor dit pootwerk een verkeerd tandwiel op de machine en het goede wiel moest worden gehaald bij boer Willemse. Gooikes vader vroeg aan Gooike: “Wil jij hem even halen? Ga maar door het land…” Gooike was 19, een gevaarlijke leeftijd in die periode. De jonge boerenzoon ging door het land, langs de boerderij van Holtman die bij het kerkhof stond (en later is afgebrand) en zo door het land naar boer Willemse. Hij zag vrachtwagens op de straatweg rijden. Aan de straatweg stonden in die tijd dikke bomen, net in blad, toen er opeens 6 Spitfires aan kwamen vliegen, eerst om te verkennen, maar het achterste vliegtuig maakte een looping en begon op de vrachtwagens te schieten. Gooike is halsoverkop een droge sloot met riet ingedoken. De kogels en lege patroonhulzen vlogen over hem heen. Voorzichtig heeft hij toch gekeken en zag dat een vrachtwagen onder vuur werd genomen. De inzittenden van die vrachtwagen waren voor die tijd in schuttersputjes gekropen. De andere auto’s waren al in het dorp of in de schuren van de boerderijen. De beschoten auto brandde als een fakkel. Een Duitse soldaat wilde nog wat uit de truck halen, maar heeft dat met de dood moeten bekopen. Gooike heeft de hele tijd in de sloot gelegen en toen alles weer rustig was, is hij voorzichtig door de sloten verder gekropen en is veilig bij Willemse aangekomen. Hij had de hele aanval en de beschieting vanaf het begin meegemaakt. Wij kwamen later kijken toen de beschieting al geweest was. Het was voor mij (H.Geertsema) een bijzondere ervaring dat iemand anders er bij was geweest en dat dit pas na haast 65 jaar na de oorlog bekend is geworden. Schuiringa is 84 jaar, ik zelf bijna 73 jaar.” (Opgeschreven door H.Geertsema)
De Historische Kring Zuidhorn organiseert op dinsdagavond 20 april 2010 een speciale avond in Zalencentrum Balk te Zuidhorn, aanvang 20.00 uur. Op het programma de presentatie van het boek “Van bezetting tot bevrijding: Zuidhorn 1940-1945”. Auteur/redacteur dr. Harm Veldman geeft een toelichting en overhandigt ‘het eerste exemplaar’. Na de pauze gaat de heer Veldman nader in op de vraag naar de specifieke kenmerken van het anti-fascistische verzet in de gemeente Zuidhorn.
Het betreffende boek is ter plekke te koop voor €24,95 (vaste boekenprijs). Het telt 208 bladzijden en is ruim geïllustreerd.
De leden van de Historische Kring Zuidhorn en die van Aeldekerka hebben deze avond vrije toegang. Niet-leden betalen een entreeprijs van €3,00 per persoon.

Het Canadeze voertuig is geen tank maar een een T17 Staghound (pantserwagen)
mvg Paulus
Paulus heeft volkomen gelijk. Veel mensen weten het verschil niet tussen een tank en een pantserwagen.
Velen riepen destijds we zijn bevrijd door de tanks van de Canadezen, wat dus niet terecht was.
Het is een Staghound T17E pantserwagen, gewicht15 ton, bemanning 5 man en een bewapening van 3.7 kanon en 4 mitailleurs