Regelmatig speelt er een populair deuntje uit de vijftiger jaren door mijn hoofd: “Poen, poen, poen, poen…” Als ik me goed herinner een liedje van Wim Sonneveld, waarvan ik nog enkele regels in mijn geheugen heb zitten: “De een zegt geld, de ander money, maar wij zeggen poen… “En de tekst zegt vervolgens dat ‘geluk niet zo te koop is, maar geld doet wonderen vooral als het een hoop is…” Tja… Nou wil ik de rommelmarktuitkomsten niet bederven door uitspraken als “Geld stinkt…” of door te herinneren aan een andere topper uit vroegere dagen: “Money is the root of all evil…” Al die uitspraken zijn betrekkelijk, voor velerlei uitleg vatbaar. En laten we eerlijk zijn: Als je als (kerk)gemeenschap met elkaar wilt overleven en ook je kerkgebouw als Godshuis toonbaar wilt hebben en houden, ja dan is het beslist noodzakelijk dat de penningmeester over de nodige euro’s kan beschikken. Zo’n rommelmarkt vind ik zelf een prima manier om extra gelden binnen te krijgen, ter illustratie de volgende beelden:

Soms is het even grabbelen en lijkt het juiste muntstuk net even ondergedoken...

Waar is die van vijftig cent nou gebleven, ik dacht toch dat ik...

Wacht, ik denk dat ik het wel gepast kan betalen...

Even goed kijken, die munten lijken ook zoveel op elkaar...

Voel ik me al niet zo lekker als schatbewaarder, komt die fotograaf ook nog kieken...

Twee van twintig nog, dan bent u er al...

Wat er ook gebeurt, dat geldtrommeltje heb ik en hou ik...

En wie heeft de biggest smile? Inkasseerder Jan, van harte proficiat!
©foto’s: jan blaauw, 12 09 2009