Ik heb de witte water-lelie lief,
daar die zo blank is en zo stil haar kroon
uitplooit in ’t licht.
Het begin van het vermaarde gedicht van Frederik van Eeden schiet me moeiteloos te binnen, als ik een ommetje maak aan de westkant van Noordhorn. De oude heirbaan ligt er nog, gelukkig, al mag er wel eens bewuster worden gewerkt aan behoud van deze historische parel. Het prozaïsche van het bedrijventerrein neem ik voor lief, dat is er nu eenmaal. Goed voor de werkgelegenheid, de economie geeft en neemt…. Sfeer is er pas echt weer, als je op de Mokkenburgweg de veelkleurig- en veelvormigheid van de geconcretiseerde economie achter je laat. Het restant van de oude Schipsloot in ogenschouw neemt, de spoorbaan, de ruimte in het weidelandschap ervaart.
En geniet van de waterlelies in de sloot langs de kant, daar ‘te water gelaten’ door veehouder De Jong, die de gracht bij de boerderij ontlastte. Jammer dat er altijd weer mensen zijn die blijkbaar onvoldoende genieten van wat ze kunnen zién, altijd maar weer de schoonheid zelf willen HEBBEN. Waterleliestropers….
Dat ze daarbij dan wel eens een natte poot halen, lijkt me niet meer dan dikverdiend…..
foto’s: ©janblaauw, 18 juli 2008

